Jesse (een levensgeschenk)

22 december 2020

De jonge vrouw die tegenover me zit is bedreigd door een klant. Hierdoor komt ze voor een aantal sessies bij me langs. Haar verschijning is opmerkelijk. Een prachtige bos krullen, een fijnbesnaard gezicht en een zachte en prachtige oogopslag. Ze oogt als een jonge vrouw die alles mee heeft. Maar dat is geen garantie dat er geen tegenslag kan zijn. Terwijl we onderzoeken hoe het een en ander heeft kunnen gebeuren blijkt dat deze jonge vrouw (Laten we haar Kirsten noemen) naast de bedreiging ook net een miskraam heeft gehad. Ze is hierdoor terecht gekomen in een stroom van emoties en gevoelens. Waardoor ze haar reacties minder onder controle heeft en het mis ging met de klant die haar uiteindelijk bedreigd had. Haar leven voelt op dit moment als een rollercoaster.

We gaan voortvarend aan de slag.  Door het hele gebeuren rondom de miskraam is haar normale stevigheid en assertiviteit er niet. Uit haar verhaal ontpopt ze zich als een zeer betrokken iemand die mensen echt wil helpen. Tegelijkertijd blijkt dat ze zelf nooit veel problemen in haar leven heeft gehad en er tot nu toe vrij moeiteloos door heen gegleden is.

De gebeurtenis van de miskraam en daarop de bedreiging is het begin van een heftige reis. Waarbij de bedreiging naar de achtergrond verdwijnt.

Om de miskraam te verwerken hebben zij en haar man daadwerkelijk afscheid van het kind in wording genomen in een ritueel en een fysieke plek ingericht waar ze naar toe kunnen gaan om af en toe stil te staan. Ik bemerk aan alles wat voor gigantische impact deze gebeurtenis op haar heeft. De bedreiging die ze ervaren heeft valt in het niet bij dit verlies.  Beide gebeurtenissen hebben haar volop geconfronteerd met de pijn die het leven soms met zich meebrengt en dat een vrij zorgeloos leven zomaar kan omslaan naar iets anders. Toch resoneert er optimisme en hoop in haar en de wil om hierdoorheen te komen.

Bij onze volgende ontmoeting vertelt ze me dat ze net weer zwanger is, maar dat er bij de eerste echo geen leven te zien, noch een hartslag te horen was.  Kirsten voelt zich wanhopig maar toont zich beheerst en rustig. Ze wil er in eerste instantie niet over beginnen maar kan haar tranen niet bedwingen en het hele verhaal komt eruit. Wat overheerst is de angst voor een volgende miskraam en misschien wel een onmogelijkheid om ooit een kind te kunnen krijgen. Ik geef haar de ruimte al haar gevoelens en angsten ruim te etaleren.

“Ik weet niet wat ik nu moet doen, ik durf niet eens te hopen dat het misschien meevalt en dit kindje toch nog leeft.”

“Hoezo niet dan?” vraag ik.

“Ik durf me niet te hechten. Stel dat mijn kindje nog leeft en het gaat dan toch nog dood. Dan heb ik me voor niks gehecht en dat doet zo’n pijn”.

Ze huilt uit het diepst van haar tenen. Ik geef haar alle ruimte om haar intense verdriet te uiten.

Hierna vraag ik haar te reflecteren op de verschillende scenario’s die er zijn. De eerste mogelijkheid is dat het kindje misschien toch nog in leven is. De andere mogelijkheid is dat het leven al geweken is.

Het dilemma wat ze voor zichzelf voelt, is dat ze zich niet wil hechten aan een levenloze vrucht, maar als haar kindje nog wel leeft dat ze iets heel verkeerds doet door zich niet te durven hechten. Ik vraag haar hoe groot de kans is dat het kindje al dood is.

“Tot mijn volgende echo die ik over vier weken heb weet ik niks zeker.”

“Wat weet je dan nu wel zeker?” is mijn wedervraag.

“Pijn van het opnieuw afscheid moeten nemen van dit kindje of dat ik me megaschuldig voel omdat ik het kindje wat misschien nog in mij leeft niet welkom durf te heten. “

Haar directe reactie komt stevig bij mij binnen. Een traan druppelt langs mijn wang. Ik laat het gewoon maar gebeuren. Direct daarop maakt ze haar keuze: “Dan toch maar die pijn,” snikt ze. Het blijft even stil op haar snikken na. Dan komt langzaam de impact van haar keuze bij haar binnen. Deze keuze, gemaakt vanuit een gevoelsmatige helderheid, komt wat onder druk te staan omdat haar denken begint tegen te sputteren. Dan is er de verwarring en neemt de angst het weer over.

Ik kan alleen maar begrip tonen voor haar dilemma. Met grote ogen gevuld met tranen kijkt ze me aan en zegt: ”Ik ben zo bang dat ik dit kindje ook al verloren heb en als ik me dan hecht en het leeft niet, dat doet zo’n pijn. Maar als het nog wel leeft en ik negeer dat, dan.” Ze maakt haar zin niet af en huilt nogmaals voluit en neemt haar pijn, verdriet en onzekerheid. Het ontroert me zo deze jonge vrouw met zoveel pijn en zo’n pijnlijk dilemma. Ik spreek dat naar haar uit en prijs haar moed om dit voor haar zo pijnlijke thema te bespreken.

Samen onderzoeken we wat het kan betekenen voor de hechting van een vrucht als de moeder het negeert of dat ze vanuit haar angst voor een miskraam nog niks durft te voelen voor het kindje. We komen erachter dat er geen goed en fout is in zo’n situatie. Er is alleen maar liefde en verwarring. Welke weg ook gekozen wordt, het getuigt in beide gevallen, dat er sprake is van heel veel liefde. Deze liefde kan altijd door alles heen gevoeld worden. Dus dat maakt het kiezen overbodig. Het niet durven hechten getuigt al van een hechting en een diep verlangen naar verbondenheid.  Het wel durven hechten draagt het risico van het verlies en de daar uitvloeiende extra pijn. Beide keuzes getuigen van liefde.

De volgende sessie, twee weken later, vertelt ze me dat ze er vooralsnog van uit gaat dat haar kindje leeft. “Het rare is dat ik me nu heel erg zwanger voel, ik praat met het kindje en het is voor mij alsof het leeft. Tegelijkertijd blijf ik ook wel heel erg bang dat het toch dood is. Volgende week gaan we voor een nieuwe echo en dan zullen we het wel te weten komen.”

Kirsten komt anders over. Het lijkt of ze voor zichzelf meer reliëf heeft gecreëerd en ademt een diepgaand inzicht uit. Ze vertelt me hoe bevrijdend het voor haar was dat er geen goed en fout is in wat voor keuze je in zo’n situatie ook maakt. “Dat heeft ertoe geleid dat ik me volledig durf te hechten en te verbinden met dit kindje, voorbij leven en dood. Ik heb me als moeder nu al gegeven en verbonden met deze schat, ik hou van mijn kindje en voor mij leeft het, ook al blijkt het misschien straks anders te zijn.

Nog weer twee weken later komt Kirsten binnen met stralende ogen. “Het kindje leeft!” juicht ze.

Zeven maanden later wordt Jesse geboren. De naam Jesse betekent geschenk van God.