Een confronterende les

8 januari 2019

Jaren geleden toen ik nog voor de klas stond is me iets overkomen waar ik nu nog altijd profijt van heb, zowel prive als in mijn werk. Het heeft mij geholpen om meer vrij naar mensen te kunnen kijken zonder gehinderd te worden door mijn voorkeuren en vooroordelen.

 

Ik was destijds best trots op mezelf als leerkracht en dan vooral op mijn pedagogische aanpak. Die illusie spatte uit elkaar toen Miranda parmantig op me af stapte, me aankeek met haar grote indringende ogen en van wal stak: “Jij vindt Jolanda veel leuker dan mij. Ik merk het heus wel hoor. Zij mag altijd veel meer van jou. Als ik iets verkeerds doe ben je eerder kwaad.”

Geschokt en verbijsterd keek ik haar aan. Het bloed trok weg uit mijn gezicht en mijn hart maakte overuren. Mijn benen voelden week aan. Op dat moment realiseerde ik me dat ze volkomen gelijk had. Ik vond Jolanda inderdaad leuker. Hoe kon zij dit weten? Miranda was ook best een leuk meisje, maar in haar reacties kwam ze soms wat bot en ontevreden over en had de neiging soms wat negatieve aandacht te vragen.

 

Ik voelde me zwaar betrapt. Dat ze mij zo door had. Ik kon mezelf wel voor de kop slaan. Was ik niet degene die vroeger zelf zo vaak geleden had onder de voorkeuren van mijn schoolmeester? En nu werd ik geconfronteerd met het feit dat ik me  zelf schuldig maakte aan voorkeursgedrag. Het raakte me tot in het diepst van mijn ziel. Ik was even helemaal van de kaart en schaamde me diep. Ik kon mijn emotie nauwelijks de baas en stotterde: “Je hebt gelijk Miranda, ik weet niet wat ik hierop moet zeggen.” Ze keek me alleen maar aan met die grote ogen van haar en ik kon niks anders doen dan terugkijken en me diep schamen.

 

Na een kwartiertje had ik mezelf weer wat bijeen geraapt en vroeg de kinderen in de kring te komen. De kinderen keken me verwachtingsvol aan. Ik vertelde wat Miranda tegen me gezegd had. Het werd akelig stil. Toen barstten de kinderen los; iedereen begon tegelijkertijd zijn ervaringen te vertellen. Gelukkig kreeg ik ze weer stil en toen kwamen de verhalen los. Het was zeer confronterend voor mij als jonge leerkracht dat het meer kinderen was opgevallen dat ik zo mijn voorkeuren had. Het was niet mis wat ze me terug gaven. Bijzonder pijnlijk en toch ook wel erg leerzaam.

Doordat er veel ruimte was om kritiek te geven, schoten een aantal kinderen wat door en werd er behoorlijk met scherp op me geschoten. Ik liet het over me heen komen en begreep de reactie van de kinderen wel, tot er iets heel bijzonders gebeurde.

Miranda zei onverwachts: “Houden jullie je mond toch eens even”! Kennelijk werd het haar te gortig, “Jullie hebben nu allemaal wel een grote mond tegen Albert, maar jullie hebben er nooit eerder wat van gezegd. Als je iets niet leuk van Albert vindt maar het  niet tegen hem zegt, dan kan hij het toch ook niet oplossen? Hij luistert wel altijd naar ons als we iets willen bespreken. Ik begrijp wel dat hij ons niet allemaal even leuk vindt. Ik vind ook niet iedereen even leuk. Een meester is toch ook maar een mens en hoeft toch ook niet iedereen even leuk te vinden?”

Het werd weer heel erg stil in de klas. Toen klonk er voorzichtig instemmend gemompel en de sfeer sloeg om. Het gesprek ging door zonder dat ik ook maar wat hoefde te zeggen.

Er was begrip richting mij, maar vooral ook naar elkaar. De kinderen kwamen tot de conclusie dat iedereen zijn voorkeuren mag hebben zonder dat je elkaar daarmee tekort doet of wil doen.

Nu werd ik warm van binnen, en begon te gloeien van trots op deze kinderen en speciaal richting Miranda. Wat een geweldig kind, wat een grootsheid hoe ze het gesprek wist te kantelen en begrip voor mij wist te creëren richting haar klasgenootjes die naar haar luisterden en met elkaar de dialoog aangingen zonder dat ze wisten wat een dialoog was. Langzaam drong er een intens besef tot me door en het schreeuwde in mijn binnenste: ”Wat houd ik van dit kind, wat houd ik van deze kinderen, deze prachtige lieve wonderbaarlijke en soms irritante wezens waar ik mee mag werken en die ik wat mag leren. Maar uiteindelijk leer ik nog veel meer van hen.“

Een overrompelende verontrustende en verrukkelijke ervaring overkwam me, wat een cadeau kreeg ik hier van de kinderen en in het bijzonder van Miranda.  Eerst door me te confronteren en toen het voor me op te nemen. Wat een liefde had dat kind in haar donder. Verwar deze liefde niet met zoetsappige softheid, het had meer met rauwe oprechtheid te maken, ze gaf me haar volle authentieke botheid, recht uit het hart en zo ontwapenend.

Mijn hart ging volledig open en ik zag Miranda en haar klasgenootjes voorbij mijn oordelen, voorkeuren en etiketjes. Ik kon alleen nog maar vanuit mijn hart, vanuit liefde naar ze kijken. Een bizar ontroerende en glimlach makende ervaring waar ik nog iedere dag de vruchten mag plukken.