Geluksvogel

5 november 2018

Geluksvogel                                                                                                     

De een heeft een mooi lijf, de ander een mooie kop. Sommige mensen zijn zwart en anderen bruin of blank. De een kan uit de voeten met cijferwerk, de ander is beter met taal. Mijn uitgangspunt is dat iedereen mooie, leuke en boeiende kanten heeft en boordevol talenten zit. De kunst is om talenten in elkaar te willen zien. Vooral leidinggevenden en opvoeders hebben daarin een belangrijke taak. Ikzelf heb het geluk gehad op te groeien in een omgeving waar ik met allerlei mensen in contact kwam. Onze boerderij was een plek waar iedereen welkom was. De meest rare types – in mijn beleving – kwamen bij ons over de vloer. Daarmee lieten mijn ouders zien dat iedereen er mocht zijn.

 

Zo trof ik eens als kind om 5 uur in de ochtend , na het ophalen van de koeien, een wat verwilderde en verwarde man aan in onze keuken. Ik kende hem wel, hij woonde tijdelijk in het dorp en kwam wel vaker bij ons langs. Ik riep mijn  mem uit bed en zij vroeg hem wat hij kwam doen  zo vroeg in de ochtend. Hij vertelde dat hij naar de begraafplaats was geweest en daar geesten had gezien. Hij was zo bang geworden dat hij naar onze boerderij was gevlucht. “Want de boer is sterk en kan vast de geesten verjagen.”

Mijn mem zei dat mijn heit aan het melken was, “ waarom ben je niet naar hem toe gegaan?” De man antwoordde daarop dat hij niet in het donker naar buiten durfde, terwijl hij wel helemaal vanuit het dorp naar de boerderij was gekomen. “Dan is het eerst tijd voor een bak koffie”, constateerde mijn moeder nuchter.

 

Ze nam de man zoals hij was. Ze luisterde naar hem en bagatelliseerde zijn ervaring niet, maar bood hem even een plek waar hij zichzelf mocht zijn. Als klein jongetje vond ik dit soort momenten prachtig. Het was voor mij heel normaal dat mijn ouders dit zo deden. Ieder mens mocht er zijn, hoe gek ze soms ook deden.

Deze ervaringen hebben mij gevormd. Ik houd van de veelsoortigheid van mensen; van serieuze en impulsieve, van ‘gewone’ mensen en buitenbeentjes, van autochtonen en allochtonen. Ze kwamen allemaal bij ons thuis. Het was altijd een zoete inval. Ik heb van mijn ouders geleerd om van al deze mensen te houden. Ouders zijn belangrijke rolmodellen voor kinderen, zij leren kinderen dat er een verschil is tussen hen en anderen. Indien dit gebeurt met een sterk veroordelende blik heeft dat een grote impact op kinderen. Op die manier leren ouders hun kinderen angst te hebben voor vreemden of andersoortige. Je leert kinderen daarmee om tegelijk ‘nee’ tegen zichzelf te zeggen, want als er zo veel mensen niet deugen, waarom zou jij dan wel deugen? Onverdraagzaamheid naar jezelf en anderen wordt zo met de paplepel ingegoten.

Ik besef me heel goed wat een geluksvogel ik ben met de positieve kijk van mijn ouders op al die verschillende mensen. Zo kan ik gemakkelijk ja tegen mezelf en anderen zeggen.

Een positief mensbeeld en een positief zelfbeeld gaan vaak hand in hand.

Dus zouden leiders als Trump, Wilders, Bolsonaro, Erdogan en Duarte  zich realiseren wat dit zegt over hun zelfbeeld?

 

 

 

Plofkinderen

1 april 2017

Op een zondagmiddag maken we een ommetje door het dorp. Al lopend valt mijn oog op een nieuw schoolgebouw. Van buiten ziet het er mooi uit met wel een heel klein schoolplein. Nieuwsgierig gemaakt wil ik ook wel eens kijken hoe de lokalen er van binnen uitzien. Ik loop het kleine plein op en kijk door een raam naar binnen. Tot mijn verbijstering zie ik een heel klein hok vol met tafeltjes en stoeltjes, een digibord en een lessenaar. Er ligt zeil op de vloer en het oogt bar ongezellig, vooral rommelig en overvol. Ik loop verder naar de andere lokalen. Hier zie ik hetzelfde beeld. Hele kleine hokjes, een lokaal mag het niet heten, vol met meubilair. De aankleding is armoedig en het gebrek aan tekeningen, kunstwerkjes e.d. voelt voor mij schrijnend aan. Ik vraag me ter plekke af of wij hier in Nederland stapelgek zijn geworden door dit soort scholen te bouwen.

Het is net alsof ik zojuist kennis heb gemaakt met de kinderbioindustrie. “We maken plofkinderen “, gaat het door mij heen. In een dergelijke ruimte was ik als kind vast snel ontploft, met zoveel andere kinderen zo dicht op mijn huid. In de bio-industrie weten boeren dat beesten agressief worden als je ze te dicht op elkaar zet. Hebben overheden en beleidsmakers wel enig idee van hoe dat werkt bij kinderen? Het overschot aan prikkels spreekt voor zich in zulke nauwe ruimtes. Laat staan dat er voldoende zuurstof in de lucht zit waarop die arme hersentjes moeten lopen.

In een dergelijk kleine ruimte met zoveel mensjes bij elkaar die hun geluidjes, geurtjes en territoriumgedrag hebben zullen de kinderen zich wel moeten afsluiten voor elkaar. Als ze dan nog geen adhd of pddnos of zoiets hebben, ontwikkelen ze die wel in onze moderne leeromgevingen. Concentratie is een illusie voor de meeste kinderen in zulke leeromstandigheden. Ik heb medelijden met de leerkracht die voor de klas moet staan en z’n werk moet doen in zo’n benauwende ruimte. Een hok vol lieve aandacht vragende kinderen, die door het gebrek aan ruimte en overzicht last van elkaar gaan krijgen, door het niet vrijuit kunnen bewegen en in die omstandigheden ook nog eens wat moeten leren.

Kinderen dienen ruimte en lucht te hebben om te kunnen leren en presteren. Het is daarnaast heel erg belangrijk dat er rust is en een sfeer van veiligheid en geborgenheid. In die plofhokken lijkt het mij volstrekt onmogelijk dit te kunnen waarborgen.

Extra schandalig vind ik het dat onze overheid  maar van alles nieuw bouwt met wel bijzonder veel ruimte voor al die volwassenen in hun “mega belangrijke” kantoorruimtes. Een politiebureau hier om de hoek die na een half jaar gebruik nu nog maar door een halve man en paardenkop wordt bevolkt.

Ik pleit er hartstochtelijk voor dat kinderen op school grote ruime lokalen en een groot schoolplein te hebben, waar ze kunnen leren, werken, ravotten en spelen met elkaar. Een school hoort naar mijn mening in alle opzichten aantrekkelijk  te zijn in plaats van onoverzichtelijk dom opgepropt te zitten in een kaal hok waar het vooral gaat over taal en rekenen om maar “citoproof” te zijn!

Kinderen verdienen topkwaliteit onderwijs, te beginnen met perfecte leef- en leerruimtes. Hoe minder omgeving- en ruimtestress, hoe relaxter kinderen hun ding kunnen doen en hoe beter de omstandigheden zijn om tot leren en ontwikkelen te komen.

Weg met die ploflokalen, laat ze maar mooi ontploffen.

Social Media Auto Publish Powered By : XYZScripts.com